Circus Irem

Onze buggy staat nu ruim twee maanden te verstoffen onder de trap. Mijn dochter weigert zich in te laten snoeren en zich te laten rijden. Drama alom.

Road block!
Het enige karretje waar ze nu nog in wil zitten is het boodschappenwagentje. Maar dat komt omdat ze het leuk vindt om alle boodschappen die ik in de kar flikker, bij anderen weer in de kar te gooien. Maar net zoals andere mensen doe ik mijn boodschappen ook wel eens op de markt. En dan breng ik mijn kind mee. In de buggy. Irem en ik scheppen er een satanisch genoegen in op andermans hielen in te hakken en met onze dreigende knuistjes in de lucht andere mensen van ons pad te jagen. Het mooiste is wanneer wij een mede wandelwagenganger tegenkomen en midden in het pad een road block creëren. Jay!

Luchtalarm
Halverwege de marktwandeling riep Irem onlangs, ‘Uit! Uit!’. De ervaring leert dat we dat als moeder de eerste twintig keer moeten negeren. Meestal valt ze dan in slaap. Of ik prop een ontbijtkoek in haar waffel. Dat geeft mij doorgaans een kwartier om nog andere kleine boodschappen te doen. Maar nee. ‘Uit! Uit! Mama Ijem uit! Ijem jopen!’. Ik zocht een rustig plekje op en haalde Irem eruit. De buggy viel achterover en mijn sinaasappelen rolden over de grond. Het zweet gutste over mijn rug. Ik besloot Irem terug te zetten in de wandelwagen en achter de sinaasappelen aan te rennen. Toen ging het luchtalarm af.

Jongleren
Terwijl Irem haar longetjes lam schreeuwde vouwde ik haar de kinderwagen in. Tenminste, ik deed een poging. Ze overstrekte zich en trapte de kinderwagen weg. Praten heeft dan geen zin. Mensen draaiden zich om en keken ons aan. Een enkeling stopte en keek vol ongeloof naar ons. Een groepje tienermeiden stootte elkaar aan en wees naar mij: De moeder van het losgeslagen kind. Een tot leven gewekte anti-conceptie reclame. Ik overwoog even om een paar sinaasappelen van de grond te rapen en al hinkelend te jongleren. Als je als attractie wordt aangegaapt, kun er net zo goed een heel circus van maken